Reprise.

Achter een zorgvuldig bewaarde art-deco gevel uit 1923 ontvouwt zich een hedendaagse herinterpretatie van wonen. Deze ééngezinswoning, ontworpen door Jef Huygh en opgenomen als bouwkundig erfgoed, werd met grote precisie achteraan herwerkt.

Sommige verbouwingen winnen niet aan kracht door meer ruimte toe te voegen, maar door bestaande ruimtes op een nieuwe manier met elkaar te verbinden. In deze woning vormt de doorsnede het uitgangspunt van het ontwerp. De voormalige veranda maakt plaats voor een open leefruimte die zich vanzelfsprekend richt op de tuin. Een luifel in staal en hout verlengt het interieur naar buiten en creëert een beschutte overgang tussen wonen en landschap.

De belangrijkste ingreep speelt zich echter af boven het maaiveld. Een ronde dakopening wordt in de verdieping herhaald als vide. Wat begint als een opening voor daglicht groeit uit tot een ruimtelijk motief dat de verschillende niveaus met elkaar verbindt. De herhaling van de cirkel laat het licht via de dressing tot diep in de woning doordringen en maakt van de doorsnede een volwaardig onderdeel van de woonervaring. De verdieping staat niet langer los van het gelijkvloers, maar wordt er visueel en ruimtelijk mee verweven.

Ook het vaste meubilair werd integraal ontworpen. De keuken vormt het natuurlijke hart van de leefruimte, terwijl de badkamer zich dankzij een groot hoekraam volledig opent naar de tuin. Zo wordt zelfs een alledaags ritueel onderdeel van het landschap.

 Foto’s Sepp Van Dun

Volgende
Volgende

Woning GM